Ik keek de vierdelige documentaire serie: Fase 8: Femicide van Jessica Villerius. Vanavond is aflevering 1 op tv te zien: Woensdsg 14 januari 20.30 uur bij BNNVARA op NPO 3 en NPO Start.
Wat mij raakt, is hoe zichtbaar wordt dat dreiging zelden plotseling ontstaat. Het groeit. Langzaam. In kleine verschuivingen die op zichzelf niet alarmerend lijken, maar samen een duidelijke richting krijgen. In mijn praktijk in Breda zie ik ditzelfde proces terug. Bij vrouwen die zich melden met klachten als onrust, spanning, vermoeidheid of het gevoel zichzelf kwijt te zijn geraakt in een relatie. Vaak zeggen ze: “Hij was zo aardig, leuk en attent, hij was eerst niet zo” En dat klopt. Het ging stap voor stap.
Wanneer intensiteit het begin vormt
Het begint vaak met intensiteit. Veel aandacht. Veel contact. Iemand die dichtbij komt, snel en vol overtuiging. Het voelt prettig om zo gewenst te zijn en begeerd te worden. Om het gevoel te hebben dat je bijzonder bent. Dat er eindelijk iemand is die jou echt ziet. Tegelijkertijd ontstaat er een tempo dat hoog ligt. Er is weinig ruimte om afstand te nemen of stil te staan bij wat jij nodig hebt.
Lovebombing, als verbondenheid te snel gaat
In die fase zie je vaak lovebombing. Grote woorden. Snelle beloftes. Een sterke verbondenheid die vroeg wordt neergelegd. Je wordt op een voetstuk gezet. Je merkt dat jouw beschikbaarheid steeds belangrijker wordt. Zolang je meegaat in het tempo voelt het goed. Zodra je vertraagt, verandert de sfeer.
Dwingend gedrag dat zich langzaam aandient
Daarna sluipt er dwingend gedrag in. Niet grof of openlijk. Meer via opmerkingen, suggesties, richting geven. Je krijgt het gevoel dat er verwachtingen ontstaan. Dat sommige keuzes niet meer vanzelfsprekend zijn. Je merkt dat je je aanpast om gedoe te voorkomen.
Dat je jezelf kleiner maakt omdat het makkelijker voelt en vanuit het voorkomen van conflicten.En precies daar zit het risico.
Controle over jouw leven en keuzes
Langzaam verschuift de invloed. Er wordt meegedacht over wat je doet, met wie je omgaat, hoe je je kleedt, hoe je je tijd indeelt. Het voelt alsof er wordt meegekeken. Je houdt rekening. Je weegt dingen vooraf af. Je bewegingsruimte wordt kleiner, zonder dat er één duidelijk moment is waarop het veranderde.
Wanneer liefde bezitterig wordt
Op een gegeven moment krijgt de relatie een zwaardere lading. Jij wordt belangrijker dan alles en iedereen. Onmisbaar. Er wordt benoemd hoe leeg het zonder jou zou zijn. Dat jij degene bent die alles bij elkaar houdt. De verantwoordelijkheid verschuift bijna ongemerkt naar jouw schouders. Soms wordt er zelfs gedreigd met zelfmoord bij verlating. Alsof jij daar voor verantwoordelijk bent dan.
Isolatie, steeds minder ruimte om te delen
Tegelijkertijd verandert je wereld. Contacten met vrienden of familie verwateren of hij wilt niet dat je nog veel met hen omgaat. Ze zijn niet goed of geschikt voor je. Soms omdat er spanning ontstaat. Soms omdat je geen zin meer hebt in uitleggen. Soms omdat het gewoon rustiger voelt of omdat je je schaamt. Je staat er steeds meer alleen in. En juist dat maakt het lastiger om te zien wat er gebeurt.
Terugkerende patronen van dreiging
In de documentaire zie je hoe deze patronen zich herhalen. Jaloezie die toeneemt. Wisselingen tussen aantrekken en afstoten. Woede gevolgd door spijt en beloftes en het niet nemen van verantwoordelijkheid voor eigen (geweldadig of agressief) gedrag. Los van elkaar herkenbaar. Samen een patroon van dreiging dat kan uitmonden in ernstig geweld.
Waarom signalen zo moeilijk te herkennen zijn
Wat dit zo moeilijk maakt om te herkennen, is dat aanpassen op korte termijn rust geeft. Dat hoop blijft bestaan. Dat verbondenheid sterk is. En dat je jezelf steeds opnieuw afvraagt of jij het misschien anders moet doen. In relatietherapie en individuele therapie hoor ik dit vaak terug.
Als psychosociaal therapeut en relatietherapeut werk ik met mensen die pas achteraf woorden krijgen voor wat er gebeurde. Niet zelden zeggen ze: “Ik voelde het wel, maar ik kon er niets mee.” Dat gevoel in je lijf is vaak eerder dan je hoofd. Het is geen overdrijving. Het is informatie.
Als je tijdens het lezen merkt dat iets in jou stil wordt. Of juist alert. Dan is dat niet toevallig. Dan raakt dit aan iets wat jou pijn doet. Je hoeft dat niet alleen uit te zoeken. Voor meer informatie of een afspraak, neem dan contact met mij op.
The Homocide Timeline - Dr. Jane Monckton Smith
De 8 fasen van femicide volgens Jane Monckton Smith
Hier een meer zakelijke opsomming dat femicide geen impuls is. Het is het eindpunt van een proces. Een patroon dat zich steeds opnieuw laat zien. Hieronder beschrijf ik die fasen, verhalend, zoals ze zich in het echte leven ontvouwen.
Fase 1. Een gewelddadig relatieverleden
Het begint vaak vóór deze relatie. In de geschiedenis van de pleger. Eerdere relaties waarin jaloezie en bezitterigheid al aanwezig waren. Geweld. Dreiging. Stalking. Soms bekend bij ex-partners. Soms bekend bij instanties zoals politie of OM. Soms nauwelijks zichtbaar omdat het nooit formeel is vastgelegd. Dit verleden verdwijnt niet. Het reist mee. Iemand kan er open over zijn maar dat zegt nog niet dat het daarom niet meer terug komt.
Fase 2. De snelheid van de relatie
De relatie ontwikkelt zich snel. Heel snel.
Lovebombing speelt hier een grote rol. Veel aandacht. Veel cadeaus. Grote woorden. Snelle beloftes. Snel samenwonen. Snel trouwen. Soms snel een kind. Ze is bijna nooit meer alleen. Hij wil altijd bij haar zijn. Hij wil nooit meer bij haar weg. Hij neemt de regie over in de relatie.
Fase 3. Dwingend gedrag en controle
Langzaam verschuift de dynamiek, de controle wordt zichtbaarder. Haar telefoon wordt gecheckt. Wachtwoorden worden geëist. Er wordt gekeken met wie ze belt, waar ze is geweest en met wie. Trackers worden onder haar auto geplaatst of ze moet telkens locatie delen. Afluisteren. Camera’s in huis. Soms zelfs leugendetectietests.
Ze wordt verteld wat ze wel en niet mag doen. Wat ze moet laten. Met wie ze wel of geen contact mag hebben.
Tegelijkertijd verschuift de verantwoordelijkheid van de pleger naar het slachtoffer:
“Jij hebt er zelf om gevraagd.”
“Het komt door jou.”
“Als jij dit niet deed, hoefde ik zo niet te reageren.”
Het gedrag wordt steeds bij de vrouw neergelegd. Hij neemt geen verantwoordelijkheid. Chantage en manipulatie nemen toe.
Veel vrouwen bagatelliseren dit in deze fase.
Het valt mee.
Ze denken dat ze het aankunnen.
Dat ze het kunnen oplossen.
Dat het hun verantwoordelijkheid is om het rustig te houden.
Vrouwen hebben meestal al minstens 20 incidenten meegemaakt alvorens ze naar de politie gaan of erover gaan praten.
Fase 4. De triggerfase en toenemende escalatie
In deze fase neemt het geweld toe. Er is vaak een trigger. Een moment waarop de spanning zichtbaar explodeert.
Fysiek geweld kan beginnen of verergeren. Bij de keel grijpen, haren trekken. Schoppen. Slaan. Stompen. Dreigen. Dingen kapotmaken. Banden lek steken. Spullen vernielen. “Ik maak je kapot.”
De isolatie verdiept zich. Mensen die vragen stellen of kritisch zijn, worden op afstand gehouden. Zij wordt vastgehouden en geïsoleerd in de relatie.
Veel vrouwen durven in deze fase geen aangifte te doen. Uit angst voor meer geweld. Soms krijgen ze zelfs het advies om geen aangifte te doen, omdat het niet zou bijdragen aan “duurzame veiligheid”. Er wordt hooguit een melding gemaakt. En niet zelden krijgt de vrouw zelf de schuld, ook bij instanties zoals de politie. Ze zou hem een 'hak' willen zetten of ze moet niet zo emotioneel doen.
Fase 5. Escalatie en alles uit de kast
In deze fase doet de pleger alles om de controle terug te krijgen.
Smeken. Spijtbetuigingen. Huilen. Woede.
Dreigen met zelfmoord.
Dreigen om huisdieren of kinderen iets aan te doen.
Doodsbedreigingen via berichten.
Graffiti met beschuldigende teksten.
Alles wat van haar is kapotmaken.
Geld uitgeven dat van haar is.
Er is vaak sprake van ernstig stalkinggedrag. Haar opzoeken als ze is gevlucht. Bij familie. In een blijf-van-mijn-lijf-huis.
Het geweld wordt ernstiger. De dreiging wordt expliciet dodelijk.
Veel vrouwen staan hier alleen. Meldingen bij de politie worden niet altijd opgepakt. De vrouw wordt als emotioneel of labiel gezien. Of worden doorgestuurd naar een echtscheidingsadvocaat. Het geweld wordt telkens als incident bekeken, niet als patroon.
Fase 6. De omslag in het denken van de pleger
In deze fase vindt een gevaarlijke innerlijke verschuiving plaats. De pleger beseft: ik ga de controle niet meer terugkrijgen. Ik raak haar kwijt. Dit is een cruciaal moment. De realiteit dat de vrouw zich definitief losmaakt of weggaat wordt ondraaglijk en leidt tot gedachten over moord. "Als ik je niet kan hebben, dan kan niemand dat meer..."
Fase 7. De planningsfase
De moord wordt voorbereid. Er wordt online gezocht over hoe iemand te verwurgen, op te hangen of te doden en er worden materialen aangeschaft. Ducttape. Touw. Wapens. Gif, Zwaar vuurwerk. Er wordt nagedacht over hoe, waar en wanneer.
Dit is geen impuls. Dit is planning.
Fase 8. Femicide
De laatste fase is het dodelijk geweld zelf.
Het eindpunt van een langdurig proces waarin controle, bezit en verliesangst steeds verder zijn opgelopen.
Waarom dit model zo belangrijk is
Dit model laat zien dat de signalen er vaak al lang zijn.
Dat femicide te begrijpen is als een patroon.
En dat eerder herkennen en er op acteren, levens kan redden.
Reactie plaatsen
Reacties