Wachten op de Prins op het witte paard; Gekozen willen worden.

Gepubliceerd op 30 mei 2026 om 21:12
een jonge vrouw die bij een balzaal wacht op haar prins

Laatst zat ik een film te kijken die eigenlijk bijna te fout was om serieus te nemen. Een moderne Assepoester-achtige film, maar dan met weerwolven. In het verhaal was er een jonge vrouw die jarenlang ondergeschikt was geweest. Ze werd gebruikt, genegeerd, klein gehouden. Ze had weinig stem, weinig plek en was nauwelijks van waarde in de ogen van de mensen om haar heen en in haar eigen beleving evenmin. Totdat ze werd gezien door de alfa van de roedel. De machtigste man. Degene met aanzien, kracht en bescherming. Hij koos haar!

En ineens voelde ik: daar zit iets. Niet in die weerwolf natuurlijk. Die mag rustig in het bos blijven of huilen bij een volle maan. Heel romantisch. Maar het zat in wat hij vertegenwoordigde. Gezien worden. Beschermd worden. Uitverkoren worden. Niet langer de vrouw aan de rand zijn, maar degene voor wie iemand opstaat. De held van het verhaal kiest haar!

Dat verlangen zie je in zoveel verhalen terug.

Assepoester wordt gekozen door de prins.
Ariel geeft haar stem op in de hoop dat de prins voor haar gaat.
Pretty Woman wordt gekozen door de rijke, machtige man.

Steeds opnieuw is er een vrouw die zich anders voelt, kwetsbaar is, buitengesloten wordt of niet helemaal op haar plek lijkt. En dan komt er iemand die zegt: jij ben bijzonder. Van alle mensen om mij heen kies ik jou.

Dat raakt iets ouds.

Gekozen worden gaat niet alleen over romantiek

Aan de buitenkant lijkt het verlangen om gekozen te worden misschien romantisch. Alsof het gaat over verliefdheid, aantrekkingskracht of de prins op het witte paard. Maar onder die romantiek zit vaak hechting.

Hechting gaat over de diepe menselijke behoefte om veilig verbonden te zijn met iemand die emotioneel beschikbaar is. Als kind hebben we niet alleen eten, slaap en bescherming nodig. We hebben ook nodig dat iemand ons ziet. Dat iemand op ons reageert. Dat iemand blij is dat wij er zijn. Dat iemand ons waardeert, erkent, bijzonder vindt en van ons (bij voorkeur) onvoorwaardelijk houdt omdat diegene ons speciaal vindt. De hele monogamie en exclusiviteit in een relatie is hierop gebaseerd.

Een kind vraagt eigenlijk voortdurend, zonder woorden:

Ben je er voor mij?
Zie je mij?
Ben ik belangrijk voor jou?
Kom je terug als ik je nodig heb?
Kies je mij, ook als ik lastig ben, verdrietig ben of niet perfect ben? 
Vind je mij dan nog steeds lief en hou je dan nog steeds van mij?

Wanneer een kind dat voldoende ervaart, groeit er van binnen iets stevigs. Een gevoel van: ik doe ertoe. Ik mag bestaan. Ik hoef mezelf niet steeds te bewijzen om liefde te krijgen. Ik ben goed zoals ik ben. Er ontstaat een hoog gevoel van eigenwaarde en zelfvertrouwen.

Maar wanneer die verbinding onvoorspelbaar, kritisch, afwezig, koel, gespannen of voorwaardelijk is geweest, kan er een diepe honger ontstaan. Niet altijd zichtbaar. Soms verstopt onder zelfstandigheid, zorgzaamheid, please gedrag, controle, humor of hard werken.

En later kan die honger ineens geraakt worden door een film.

Dan merk je: dit gaat niet over hem. Dit gaat over mij.

Waarom raakt dit vrouwen vaak zo sterk?

Natuurlijk verlangen mannen ook naar liefde, erkenning en verbinding. Alleen wordt het bij vrouwen vaak op een andere manier gevormd en zichtbaar.

Veel vrouwen zijn, bewust of onbewust, opgegroeid met verhalen waarin hun waarde samenhangt met gekozen worden. Mooi zijn. Lief en zorgzaam zijn. Begripvol zijn. Niet te veel zijn. Wachten tot iemand hen ziet. Wachten tot iemand hen bijzonder vindt. 

Daar komt nog iets bij. In veel gezinnen leren meisjes al jong om relationeel afgestemd te zijn. Ze voelen sferen aan. Ze passen zich aan. Ze zorgen. Ze lezen gezichten. Ze merken spanning op voordat iemand iets zegt. Dat is niet alleen karakter. Dat is vaak ook overleving.

Vooral wanneer er thuis emotionele onveiligheid was, een ouder moeilijk bereikbaar was, veel kritiek gaf, afwezig was of onvoorspelbaar reageerde, kan een meisje gaan leren: als ik maar goed genoeg aanvoel wat de ander nodig heeft, dan blijf ik verbonden. 

Dan wordt liefde iets waar je je best voor moet doen.

En dan kan het verlangen om gekozen te worden later enorm sterk worden. Niet omdat je zwak bent. Niet omdat je afhankelijk wilt zijn. Maar omdat er ergens van binnen nog een jong deel leeft dat wacht op de ervaring:

Nu hoef ik niet meer te vechten om mijn plek.
Nu word ik gezien.
Nu kiest iemand mij zonder dat ik mezelf hoef te verliezen of er extra mijn best voor hoef te doen.

Dat is precies waarom zulke verhalen zo diep kunnen binnenkomen. De vrouw wordt niet gekozen omdat ze harder haar best doet. Ze wordt gekozen omdat iemand eindelijk ziet wie ze is. En dat is een verlangen waar veel vrouwen stilletjes iets van herkennen.

De prins als hechtingsfiguur

De prins, de rijke man, de alfa, de redder of de sterke geliefde is psychologisch gezien vaak geen gewone man. Hij is een symbool. Hij staat voor veiligheid. Voor bescherming. Voor bevestiging. Voor iemand die sterker lijkt dan de chaos. Iemand die zegt: bij mij ben je veilig.

Daarom kan zo’n verhaal zo verleidelijk zijn. Het geeft even een fantasie van rust. Je hoeft niet meer te zoeken, te twijfelen, te zorgen, te pleasen of jezelf te bewijzen. Iemand ziet jou en kiest jou. Klaar. Eindelijk thuis.

Alleen daar zit ook de pijn.

Want wanneer je vroeger niet voldoende hebt gevoeld dat je gekozen werd, kan je later gaan verlangen naar iemand die dat alsnog voor je oplost. Iemand die met één blik, één keuze, één grote liefde alle oude twijfel wegneemt. Maar zo werkt hechtingspijn meestal niet.

Een ander kan veel helen door betrouwbaar, liefdevol en aanwezig te zijn. Dat is waar. Goede liefde kan iets verzachten wat eerder beschadigd is geraakt. Maar een partner kan niet volledig dragen wat vroeger gemist is. Zeker niet wanneer het verlangen zo groot wordt dat de ander bijna bewijs moet leveren dat jij waardevol bent.

Dan wordt liefde spannend.

Want zodra de ander minder beschikbaar is, later reageert, moe is, afstand neemt of even met zichzelf bezig is, kan het oude gevoel weer opengaan.

Zie je wel.
Ik ben toch niet belangrijk genoeg.
Ik word weer niet gekozen.
Ik moet harder mijn best doen.
Ik moet aantrekkelijker zijn. Rustiger. Leuker. Makkelijker. Minder ingewikkeld.

En voor je het weet ben je niet meer vrij in de liefde, maar aan het solliciteren naar je eigen bestaansrecht.

Het meisje dat nog wacht

Wat mij raakt aan dit thema is dat er vaak zo’n jong, kwetsbaar stuk onder zit. Niet een volwassen vrouw die per se een prins nodig heeft. Maar een meisje dat ooit heeft gewacht. Op aandacht. Op warmte. Op bescherming. Op een vader of moeder die werkelijk emotioneel aanwezig was. Op iemand die zag hoe alleen ze zich voelde. Op iemand die zei: ik zie je, je bent belangrijk voor mij.

Wanneer dat gemist is, kan de fantasie van gekozen worden bijna magisch worden. Alsof er ooit iemand komt die alles rechtzet. En ergens is dat ontroerend. Want fantasie is vaak niet dom. Fantasie is soms een manier waarop de psyche probeert te geven wat er ooit niet genoeg was.

Daarom hoeven we zulke verlangens niet belachelijk te maken. We hoeven niet neerbuigend te doen over romantische films, sprookjes of de aantrekkingskracht van de prins op het witte paard. 

Onder die fantasie zit geen oppervlakkigheid. Er zit gemis. Er zit hoop. Er zit een oud verlangen naar veilige hechting.

Van gekozen worden naar jezelf kiezen

De beweging in therapie is vaak niet dat je dat verlangen wegduwt. Dan ga je alleen maar harder doen alsof het je niets doet. De beweging is eerder dat je gaat begrijpen waar het vandaan komt. Wanneer je voelt: dit raakt mijn oude hechtingspijn, dan ontstaat er ruimte. Je hoeft jezelf niet meer uit te lachen om wat je voelt. Je hoeft je niet te schamen voor de behoefte om bijzonder te zijn voor iemand.

Je kunt gaan zien: dit is een oud verlangen naar veiligheid, erkenning en liefde. En dan komt er langzaam een andere beweging bij. Niet alleen wachten tot iemand jou kiest, maar ook jezelf leren kiezen. Jezelf kiezen betekent niet dat je niemand meer nodig hebt. Dat zou een kille conclusie zijn, en zo zitten mensen niet in elkaar. We hebben verbinding nodig. We hebben liefde nodig. We hebben anderen nodig die ons zien.

Jezelf kiezen betekent dat je jouw waarde niet volledig uit handen geeft.

Dat je niet meer hoeft te verdwijnen om gekozen te worden.
Dat je niet meer hoeft te pleasen om liefde te verdienen.
Dat je niet meer hoeft te wachten tot iemand anders jou bijzonder maakt.
Dat je langzaam leert voelen: ik ben al iemand, ook voordat iemand mij kiest.

Dan verandert liefde.

Dan wordt gekozen worden nog steeds mooi. Misschien zelfs heel mooi. Maar het wordt minder wanhopig. Minder alles-of-niets. Minder alsof je hele bestaan ervan afhangt. Dan mag iemand jou kiezen, terwijl jij jezelf ook vasthoudt.

En misschien is dat wel de volwassen versie van het sprookje. Niet dat de prins je redt. Maar dat je op een dag merkt dat je niet langer in de toren zit te wachten tot iemand bewijst dat je waardevol bent. Je doet zelf de deur open.

Voor meer informatie of een afspraak, neem dan contact met mij op.