Rapunzel en de Verstikkende Liefde.

Gepubliceerd op 3 juni 2026 om 08:37
rapunzel en haar liefdevolle gevangenis in de toren, veilig warm vertrouwd maar ook opgesloten

Ik ben dol op sprookjes. Niet alleen vanwege de mooie en leuke verhaaltjes maar juist ook om het psychologisch aspect wat er in te vinden is. Vandaag Rapunzel maar eens uitgeplozen.

Rapunzel is niet alleen het meisje met het lange haar in de toren. Niet alleen het meisje dat wacht tot iemand haar komt redden. Dat beeld kan zelfs irritatie oproepen. Dat passieve. Dat hulpeloze. Dat wachten aan een raam tot er eindelijk iemand langskomt die haar leven openbreekt.Maar misschien wordt Rapunzel pas echt interessant als je haar niet meer ziet als een meisje, maar als een volwassen vrouw.

Een vrouw die al veel te lang in een leven zit dat aan de buitenkant veilig lijkt, maar van binnen steeds benauwder voelt.

Als liefde veilig lijkt, maar te klein wordt

De toren van Rapunzel is niet donker en vies. Dat zou te makkelijk zijn. Dan wist je wel dat je weg moest. Nee, de toren is vertrouwd. Er is zorg. Er is geschiedenis. Er is een moeder die zegt dat ze het beste met haar voor heeft. Misschien is er zelfs echte liefde. Dat maakt het ingewikkeld. Want hoe leg je uit dat iets wat liefde heet, toch kan voelen alsof je niet kunt ademen?

Rapunzel heeft waarschijnlijk jarenlang gedacht dat de toren bescherming was. Dat de wereld buiten te gevaarlijk was. Dat zij te kwetsbaar was. Dat ze beter kon blijven waar ze was. Dat verlangen naar meer ondankbaar was. Dat eigen keuzes maken anderen pijn zou doen.

En ergens is ze dat gaan geloven.

Niet ineens. Zo gaat dat meestal niet. Verstikkende liefde komt vaak niet binnen als een klap. Ze komt binnen als bezorgdheid. Als goede raad. Als waarschuwing. Als iemand die zegt: “Ik ken jou, jij kunt dit niet aan.” Of: “Ik maak me gewoon zorgen om je.” Of: “Na alles wat ik voor je heb gedaan, ga je nu toch niet zomaar je eigen gang?” 

Dan klinkt controle ineens als liefde.

Overbescherming en hechting

Overbescherming kan veel invloed hebben op hechting. Een kind, en later ook een volwassene heeft nabijheid nodig. Maar veilige hechting gaat niet alleen over dichtbij mogen zijn. Het gaat ook over ruimte krijgen om te groeien.

In een gezonde relatie mag je steun zoeken én je eigen weg gaan. Je mag terugkomen én verder bewegen. Je hoeft niet te kiezen tussen verbonden zijn en jezelf zijn.

Bij verstikkende liefde raakt die balans kwijt. Nabijheid wordt belangrijker dan vrijheid. De angst van de ander wordt belangrijker dan jouw ontwikkeling. En langzaam ga je geloven dat liefde betekent dat jij jezelf moet beperken.

Je gaat jezelf bekijken door de ogen van de ander. Je twijfelt aan je eigen kracht. Je voelt schuld voordat je iets verkeerd hebt gedaan. Je denkt drie keer na voordat je ruimte inneemt. Je voelt de stemming van de ander al voordat die iets gezegd heeft.

Voor veel mensen is dat herkenbaar. Niet omdat ze zwak zijn. Vaak zijn het juist sterke mensen. Mensen die veel hebben gedragen, die goed kunnen aanvoelen wat anderen nodig hebben, die geleerd hebben om sfeer te bewaken, spanning te voorkomen en relaties overeind te houden.

Maar ergens onderweg kan afstemmen veranderen in verdwijnen.

Als aanpassen langzaam verdwijnen wordt

Als je al vroeg leert dat liefde samenhangt met rekening houden met de ander. Lief zijn. Begrijpen. Niet te moeilijk doen. De sfeer aanvoelen. Zorgen dat niemand zich afgewezen voelt. Dat kan een prachtige kwaliteit zijn. Totdat je jezelf er in kwijtraakt. Dan weet je nog precies hoe je de ander geruststelt, maar niet meer wat jij zelf verlangt. Dan weet je wat handig is, wat verstandig is, wat loyaal is, wat niemand kwetst. Alleen die ene vraag wordt steeds stiller: “Wat wil ik eigenlijk?”

Misschien begint het daar. Niet met een dramatische ontsnapping. Niet met een prins aan de voet van de toren. Niet met muziek, wind door haar haren en een groot gebaar. Gewoon met een onrustig gevoel.

Een vrouw die ’s avonds in haar eigen leven zit en merkt dat ze moe is van klein blijven. Dat ze geïrriteerd raakt wanneer iemand haar steeds behandelt alsof ze breekbaar is. Dat ze boos wordt van zinnen die vroeger normaal klonken. Dat ze niet meer vanzelf meegaat in het verhaal dat anderen over haar hebben gemaakt.

Ze kijkt om zich heen en denkt: “Waarom is mijn leven eigenlijk zo smal geworden?”

Verstikkende liefde in volwassen relaties

Verstikkende liefde komt niet alleen voor tussen ouder en kind. Je kunt het ook tegenkomen in volwassen relaties.

Een partner die alles wil weten onder het mom van betrokkenheid.
Een ouder die je als volwassene nog steeds behandelt alsof je geen eigen keuzes kunt maken.
Een gezinssysteem waarin jij altijd de verstandige, zorgzame of loyale moet zijn.
Een relatie waarin jouw verlangens steeds zachter zijn gaan praten.

Van buitenaf lijkt het misschien prima. Er is contact. Er is betrokkenheid. Er zijn goede bedoelingen. Er is misschien zelfs veel zorg. Maar van binnen voelt het benauwd.

En juist dat maakt het zo moeilijk om serieus te nemen. Want als iemand koud, hard of duidelijk afwijzend is, herken je vaak sneller dat er iets niet klopt. Bij verstikkende liefde ligt dat anders. Daar zit vaak ook warmte in. Zorg. Geschiedenis. Schuldgevoel. Loyaliteit.

Dan denk je al snel: “Stel ik me aan?” “Ze bedoelen het toch goed?” “Wie ben ik om meer ruimte te willen?”

Maar ruimte nodig hebben is niet hetzelfde als ondankbaar zijn.

Loskomen van oude loyaliteit

Loskomen van verstikkende liefde is zelden netjes. Het is geen rechte lijn. Het is eerder een innerlijk heen en weer bewegen tussen verlangen en schuld. Tussen boosheid en medelijden. Tussen helderheid en twijfel. De ene dag voel je: ik mag dit niet meer met mezelf laten gebeuren. De volgende dag denk je: stel ik me aan? Dat maakt je niet zwak maar maakt het echt.

Want als je lang in een toren hebt geleefd, voelt buitenlucht niet meteen als vrijheid. Het voelt ook spannend. Onveilig. Schuldgevoel misschien. Je kunt verlangen naar ruimte en tegelijk bang zijn voor wat er gebeurt als je die ruimte neemt.

Wat als de ander verdrietig wordt?

Wat als iemand boos wordt?

Wat als je ondankbaar lijkt?

Wat als je ontdekt dat je veel langer bent gebleven dan goed voor je was?

Oude loyaliteit trekt hard. Zeker wanneer iemand ook veel voor je heeft gedaan. Wanneer er echte liefde was. Wanneer de ander zelf kwetsbaar, angstig of afhankelijk was. Maar je eigen leven nemen betekent niet dat je iemand laat vallen. Grenzen stellen betekent niet dat je liefdeloos bent. Meer willen betekent niet dat je ondankbaar bent. Soms betekent het alleen dat je eindelijk eerlijk wordt over waar je jezelf bent kwijtgeraakt.

De toren zit soms van binnen

Wat verstikkende liefde zo diep kan maken, is dat de toren na verloop van tijd niet meer alleen buiten je staat. Hij gaat in je wonen. Je hoeft dan niet eens meer iemand te hebben die de deur op slot doet. Je doet het zelf al. Uit gewoonte. Uit loyaliteit. Uit angst. Uit schuld.

Je houdt je in. Je maakt jezelf begrijpelijker, kleiner, makkelijker.Je stelt je eigen verlangen uit. Nog even. Later. Als het beter uitkomt. Als niemand er last van heeft.Alleen komt dat moment vaak niet vanzelf.

Daarom gaat de volwassen Rapunzel niet over wachten tot iemand haar komt redden. Zij wacht niet tot iemand anders haar komt vertellen dat ze mag leven. Misschien komt er wel iemand langs die iets in haar wakker maakt. Een vriendin. Een liefde. Een therapeut. Een boek. Een crisis. Een film. Iets waardoor ze ineens voelt: er bestaat een wereld buiten deze toren. Maar de echte beweging begint pas wanneer zij zichzelf serieus gaat nemen.

Van gered worden naar jezelf serieus nemen

De volwassen Rapunzel denkt niet langer: iemand moet mij komen halen. Ze begint te voelen: “Ik moet eerlijk worden over waar ik mezelf ben kwijtgeraakt.” Dat is een heel ander verhaal. Dan gaat Rapunzel niet over gered worden door een ander. Dan gaat ze over wakker worden uit oude loyaliteit. Over de moed om toe te geven dat iets wat vertrouwd was, ook beklemmend kan zijn. Over de pijnlijke ontdekking dat liefde zonder ruimte te klein wordt om in te leven.

Misschien begint het eerst zacht. Een irritatie. Een zucht. Een gedachte die je snel weer wegduwt. Later sterker. Boosheid. Verdriet. Een diep gevoel van: ik wil niet mijn hele leven leven alsof ik toestemming nodig heb. Dat protest is geen ondankbaarheid. Het is levenskracht.

Het is het deel in jou dat nog weet dat je groter bent dan de plek die je kreeg. Dat je liefdevol kunt zijn zonder jezelf op te sluiten. Dat je verbonden kunt blijven zonder verantwoordelijk te worden voor alle gevoelens van een ander.

Therapie bij hechtingsproblemen en verstikkende liefde

In therapie zie je vaak dat mensen niet meteen binnenkomen met hechtingsproblemen en de woorden: “Ik heb last van verstikkende liefde.” Meestal klinkt het anders. 

“Ik voel me zo schuldig als ik voor mezelf kies.”

“Ik weet niet goed wat ik zelf wil.”

“Ik voel me verantwoordelijk voor iedereen.”

“Ik heb ruimte nodig, maar ik durf die niet te nemen.”

“Ik pas me steeds aan en daarna ben ik boos op mezelf.”

Onder zulke klachten kunnen hechtingsproblemen, oude loyaliteit en overbescherming meespelen. Soms is er geen groot trauma geweest, maar wel een jarenlang patroon waarin je te weinig ruimte kreeg om jezelf te worden.

Therapie kan helpen om die patronen te herkennen. Niet om jezelf of de ander zwart te maken, maar om eerlijker te gaan voelen wat van jou is en wat van de ander. Waar liefde zat, waar angst zat, waar controle zat en waar jij jezelf bent kwijtgeraakt. Want loskomen betekent niet dat je koud wordt. Het betekent dat je steviger wordt.

De volwassen versie van Rapunzel

Misschien is dat de volwassen versie van Rapunzel. Niet de vrouw die zielig uit het raam kijkt. Niet de vrouw die wacht tot iemand haar eindelijk kiest. Maar de vrouw die op een dag merkt dat ze boos genoeg is om wakker te worden. Ze kijkt naar de toren. Naar alles wat ooit veilig leek. Naar alles wat haar klein hield. Naar de stemmen die ze zo lang heeft geloofd. En dan voelt ze misschien nog steeds angst. Misschien ook schuld. Misschien zelfs liefde voor degene die haar vasthield.

Maar ergens daaronder komt een andere stem op. Rustiger. Steviger. Van haarzelf. “Dit was misschien ooit mijn veiligheid, maar het is niet mijn bestemming.” En dan begint ze Niet groots. Niet perfect. Niet zonder twijfel. Maar ze begint. Ze opent de deur.

Voor meer informatie of een afspraak, neem dan contact met mij op.